Rijksoverheid

Regelingenpocket Zaanstad

Titel regeling
Beleidsnotitie Caravanstallingen in Zaanstad
Uitgever
Zaanstad

Tekst van de regeling

Intitulé

De raad van de Gemeente Zaanstad, gelezen het voorstel van Burgemeester en Wethouders, Kennis genomen hebbende van de inspraaknota "Caravanstallingen in Zaanstad'; kennis genomen hebbende van de punten uit de voorbereidende vergadering op 10 januari 2013,

Besluit:

1) De beleidsnotitie 'Caravanstallingen in Zaanstad' vaststellen, inhoudende:

  • a.

    het toestaan van inpandige caravanstalling binnen bestaande, vrijkomende bebouwing in het buitengebied met uitzondering van kassen

  • b.

    Ten aanzien van alle bestaande buitencaravanstallingen later een besluit te nemen op basis van juridische mogelijkheden met betrekking tot gedogen, uitsterfconstructie, al dan niet onder voorwaarden legaliseren, overgangsperiode van 5 of 10 jaar en juridische aspecten rond individueel maatwerk oplossingen ten opzichte van algemeen beleid volgens voorgaande (Het besluit onder 1b is aangepast conform amendement).

2) Het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen voor vergunningaanvragen die passen binnen de reikwijdte van de beleidsnotitie.

Beleidsnotitie Caravanstallingen in Zaanstad

Vaststelling na inspraak

Caravanstallingen in het buitengebied: graag inpandig!

Aanleiding

De caravanstallingen in Zaanstad kennen een gecompliceerde voorgeschiedenis

In de praktijk is gebleken dat veel Zaanse boeren geen volwaardig inkomen meer kunnen genereren met hun bedrijf. Dit is deels een landelijk fenomeen, dat ook in Zaanstad een zeer algemeen verschijnsel is. Om volwaardig te kunnen blijven, moeten de boeren constant hun bedrijf vergroten en efficiënter laten worden. Dit is de zogenaamde schaalvergroting. Efficiëntie heeft grenzen, die nog sneller bereikt worden als de boer geen of onvoldoende mogelijkheden heeft om verder in het bedrijf te investeren. Ook de mogelijkheden om het bedrijf groter te maken zijn beperkt, allereerst vanwege het grondbezit en de fysiek wat moeilijke omstandigheden van deze (natte) regio. Als gevolg hiervan zien we vanaf eind jaren ’90 de aanvragen om nevenactiviteiten te ontplooien toenemen. Het stallen van caravans op het erf of in leegstaande schuren is hier een voorbeeld van. Dit kan een substantiële bijverdienste opleveren, waarvoor weinig inspanningen nodig zijn. Gebleken is dat dit aantrekkelijk is als nevenactiviteit voor actieve boeren, maar ook als inkomstenbron bij een rustende boer.

Tot nu toe zijn deze verzoeken meestal afgewezen, omdat de agrarische bestemming alleen volwaardige agrarische activiteiten toelaat. Caravanstalling past hier niet bij. Daarnaast wordt het gezien als vorm van verrommeling van het Zaanse landschap.

Toch zijn meerdere boeren en andere bewoners van het buitengebied met het stallen van caravans begonnen. Soms op het erf, anderen gebruikten leegstaande schuren en stallen. Prioriteitsafwegingen en beleidsmatige onduidelijkheden hebben geleid tot een gebrekkige aanpak van het probleem, waardoor (informele) gedoogsituaties zijn ontstaan. In het recente verleden zijn bij drie gevallen inpandige caravanstallingen formeel mogelijk gemaakt via een maatoplossing. Dit werd niet beperkt tot een nevenfunctie bij actieve boeren, omdat het ook voor andere partijen aantrekkelijk bleek, en een zinvol gebruik kon geven aan bestaande opstallen.

In 2004 heeft de gemeenteraad gevraagd om een oplossing voor de Zaanse caravanstallingen. In 2005 heeft het college de gemeenteraad voorgesteld over te gaan tot beperkte legalisering van genoemde gedoogsituaties en bijstelling van de planologische kaders voor caravanstallingen. Hierover heeft echter geen besluitvorming plaatsgevonden.

Het areaal aan illegale caravanstallingen is in de loop der jaren verder toegenomen. In 2011 heeft een uitgebreide inventarisatie plaatsgevonden. Deze inventarisatie dient als input voor de beleidsnotitie Caravanstallingen in Zaanstad. De notitie geeft aan onder welke voorwaarden de gemeente mee kan werken aan het legaliseren dan wel vergunnen van caravanstallingen.

Vanuit bescherming van landschappelijke waarden wordt gekozen voor inpandige stallingen

Centrale doelstelling die als rode draad door beleidsnota’s als Zaans Evenwicht, het beeldkwaliteitsplan Buitengebied en de Erfgoednota loopt, is het behouden en versterken van de Zaanse identiteit. Die moet de positie van Zaanstad in de metropoolregio versterken. Het unieke Zaanse landschap is van bijzondere kwaliteit en een dé identiteitsdragers van Zaanstad. Ook het Rijk erkent de bijzondere waarden en heeft grote delen ervan aangewezen als Nationaal Landschap en/of Natura 2000 gebied. Het beschermen van het open veenweidegebied tegen bebouwing en verrommeling, schadelijke invloeden, en verkleining van het onbebouwd areaal, is een verplichting die uit deze aanwijzing volgt.

De wijze waarop Zaanstad wil sturen op de (cultuurhistorische) landschappelijke waarde is ondermeer vastgelegd in het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied (2009).

Inzet is het behouden van de openheid in het veenweidegebied en het versterken van aanwezige contrasten. Daarbinnen kunnen ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt, als blijkt dat daar een maatschappelijke behoefte aan is en het de gewenste dynamiek in het gebied bevordert.

Voor een attractief Zaans veenweidegebied is een vitale landbouwsector essentieel. Caravanstalling speelt hierin een rol en kan worden gezien als aanvulling op het inkomen van een bestaande agrariër dan wel een inkomstenbron bij een rustende (of afbouwende) boer 1 , die hiermee een zinvol gebruik heeft voor zijn bestaande opstallen.

Stalling mag echter het behoud van de prachtige waardevolle cultuurhistorische structuur en elementen en de natuur- en landschappelijke waarden niet in de weg zitten. Door deze activiteiten zoveel mogelijk in de bestaande ruimtelijke structuur van boerenerven en lintdorpen te plaatsen leidt dit niet tot verrommeling van het open landschap. Met andere woorden opslag (of stalling) van caravans moet inpandig plaatsvinden. Dit past in de beleidsdoelstelling om verdichting van het landelijke gebied zo beperkt mogelijk te houden. Nieuwbouw t.b.v. caravanstalling wordt daarom niet toegestaan, net als buitenopslag. Bestaande, onbenutte opstallen krijgen op deze manier een zinvol gebruik. Kassen (ook bestaande) worden echter uitgesloten voor dergelijk gebruik, vanwege de verschijningsvorm in het landschap en het transparante karakter. Hiermee wordt aangesloten bij het beleid van andere gemeenten met soortgelijke landschappelijke waarden.

Gezien de in het verleden ontstane situatie wordt voor de bekende buitenstallingen (buiten de woonbestemmingen) nieuwbouw toegestaan, zodat de bestaande stalling kan worden voortgezet. De gevallen waarop deze uitzondering van toepassing is, worden verderop in dit document limitatief benoemd.

Algemene voorwaarden

Caravanstallingen kunnen alleen worden toegestaan indien de lokale verkeerssituatie dit toelaat en indien de opstallen voldoen aan de eisen t.a.v. brandveiligheid en het Bouwbesluit 1 . Eventuele benodigde parkeerruimte dient op eigen terrein te worden aangelegd. Omliggende woon- en bedrijfsfuncties mogen niet worden belemmerd. Vergunningaanvragen zullen hieraan worden getoetst.

Beleidsregel

De volgende beleidsregel is van toepassing op het buitengebied van Zaanstad (zoals gedefinieerd in het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Zaanstad), inclusief de dorpslinten. In de overige gebieden van Zaanstad geldt vooralsnog hetgeen in de bestemmingsplannen mogelijk wordt gemaakt. 1 Uitgangspunt is dat er met de locaties die voldoen aan het beleid, kan worden voorzien in de marktvraag naar caravanstalling.

Op basis van het voorgaande is onderstaande beleidsregel geformuleerd:

  • 1.

    Caravanstalling kan worden toegestaan binnen bestaande opstallen, met uitzondering van kassen. Nieuwbouw t.b.v. caravanstallingen wordt niet toegestaan. Deze beleidsregel geldt zowel voor bestaande caravanstallingen als eventuele toekomstige caravanstallingen.

In de praktijk worden naast de caravans vaak ook andere kampeer- en vervoersmiddelen gestald in de caravanstalling, zoals boten, vouwwagens en oldtimers. Zolang er geen expositie en handel plaatsvindt, vallen ook deze vormen van stalling binnen dit beleid. Meer dynamische vormen van opslag (zoals tijdelijke meubelopslag en de verhuur van opslagboxen), kennen een veel grotere verkeersaantrekkende werking en vallen uitdrukkelijk buiten dit beleid.

Uitzondering

Bekende, bestaande buitenstallingen (zie limitatieve lijst in bijlage 1) op een agrarische of bedrijfsbestemming kunnen hun stalling voortzetten indien de caravans binnen worden geplaatst. Voor deze bekende gevallen kan nieuwbouw t.b.v. de caravanstallingen worden toegestaan, indien er onvoldoende ruimte is om de caravans te stallen in de bestaande opstallen. De nieuwbouw dient te bestaan uit een volledig dichte stal/schuur of een open veldschuur. 1 Het formaat van de stalling wordt gemaximeerd door het aantal caravans dat ter plaatse geïnventariseerd is. Ook moet gezocht worden naar de best mogelijke landschappelijke inpassing. 1

Voor woonbestemmingen is recent beleid vastgesteld voor wat betreft de toegestane hoeveelheid bebouwing. 1 Voor caravanstalling wordt hier niet van afgeweken, omdat dit een bedrijfsfunctie is die in principe niet thuishoort op een woonbestemming. In de toegestane hoeveelheid woonbebouwing kunnen slechts enkele caravans gestald worden.

Uitvoeringsprogramma

In maart 2011 heeft de afdeling Handhaving de bestaande caravanstallingen geïnventariseerd. Hierbij kwamen 3 legale en 35 potentieel illegale caravanstallingen naar voren. Nader onderzoek wees uit dat 33 hiervan daadwerkelijk illegaal zijn (de andere 2 passen binnen de in het bestemmingsplan gedefinieerde bedrijfsbestemming. 1 van deze is inmiddels opgeheven). 19 stallingen zijn binnenstallingen, de rest bestaat uit buitenstallingen (sommige locaties hebben zowel binnen- als buitenstallingen). De omvang varieert sterk, van enkele caravans tot circa 100 per stalling.

Na vaststelling en bekendmaking van het ontwerpbeleid worden de stallingeigenaren schriftelijk geïnformeerd over het beleid en uitgenodigd om hun zienswijze bekend te maken. Hierna vindt definitieve besluitvorming plaats door de gemeenteraad.

Doel van het beleid is een einde te maken aan de buitenstallingen. Hiertoe zal voortvarend worden opgetreden nadat het definitieve beleid is vastgesteld. De betrokken krijgen de kans om de illegale situatie op te heffen, door de caravans binnen te plaatsen, te verwijderen, en/of de benodigde vergunning aan te vragen. Het doel is om binnen een jaar na vaststelling van het beleid bij elke caravanstallingeigenaar met deze procedure te zijn begonnen. Dit zal worden opgenomen in het Handhavingsjaarprogramma 2013. Op voorhand is niet te zeggen wanneer het dossier voltooid zal zijn, o.a. vanwege het al dan niet uitblijven van bezwaarprocedures.

In de nieuwe bestemmingsplannen zal voor caravanstallingen een binnenplanse ontheffingsmogelijkheid worden opgenomen. Bestaande rechten worden geëerbiedigd.

Of elke caravanstalling ook daadwerkelijk gelegaliseerd kan worden hangt af van het verloop van de verschillende procedures, waaronder de individuele belangenafweging en het al dan niet uitblijven van bezwaar. Op grond van artikel 4:84 van de Awb handelt het gemeentebestuur overeenkomstig dit beleid, tenzij dat voor één of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de nota in te dienen doelen.

Bijlage 1

De limitatieve lijst ten behoeve van de uitzondering bestaat uit de volgende adressen:

Assendelft  
Dorpsstraat 239 5 caravans
Dorpsstraat 476 80 caravans
Dorpsstraat 675 30 caravans
Kanaalweg 5 bestaande bouwrechten conform bestemmingsplan
Zaandammerweg 20 75 caravans
Westzaan  
J.J. Allanstraat 170 15 caravans
J.J. Allanstraat 441 10 caravans
Overtoom 4 5 caravans
Overtoom 50 10 caravans
Overtoom 194 50 caravans


Noot
1

Zowel een bestaande agrariër als een rustende boer beschiikken over een agrariscti bouwperceel, en tiebben ofwel

een agrarische milieuvergunning, ofwel een melding in het kader van het Besluit Landbouw.

Noot
1

Dit betekent onder meer dat de gastanks uit de caravans gehaald moeten worden en elders moeten worden

opgeslagen.

Noot
1

Dit betekent onder meer dat de gastanks uit de caravans gehaald moeten worden en elders moeten worden

opgeslagen.

Noot
1

Een open veldschuur heeft hetzelfde karakter als een normale schuur, maar is aan één zijde open. In tegenstelling

tot een kas, die een transparant karakter heeft en een zeer andere verschijningsvorm in het landschap vormt.

Noot
1

Bijvoorbeeld door het aanbrengen van streekeigen erfbeplanting, en het laten aansluiten van de nieuwbouw bij de

bestaande bebouwing. Mogelijk is bijvoorbeeld in sommige situaties het oprichten van 2 kleine schuren beter dan 1

grote.

Noot
1

Zoals verwoord in de Nota Woonbebouwing 2012.