Rijksoverheid

Regelingenpocket Zaanstad

Titel regeling
Nadere regels bij Parkeerverordening Zaanstad 2017
Uitgever
Zaanstad

Tekst van de regeling

Intitulé

Nadere regels bij Parkeerverordening Zaanstad 2017

Burgemeester en wethouders van Zaanstad

gelet op artikel 225 van de Gemeentewet en artikel 9 en 22 van de Parkeerverordening 2017;

Besluiten:

Vast te stellen de volgende nadere regels krachtens de Parkeerverordening 2017

Artikel 1 Parkeervergunning Gedempte Gracht

  • 1. De vergunningaanvrager met een vergunningadres op de Gedempte Gracht dient bij zijn aanvraag aan te geven of hij een vergunning wenst voor het gebied Oud West of een vergunning voor het gebied Russische Buurt.

  • 2. De bewoner met een woonadres op de Gedempte Gracht die verzoekt om het verstrekken van een bezoekersvergunning of een bezoekersvergunning mantelzorg, dient bij zijn verzoek aan te geven of hij deze wenst voor het gebied Oud West of een vergunning voor het gebied Russische buurt.

Artikel 2 Burchtvergunning

  • 1. Er worden maximaal 150 Burchtvergunningen verleend.

  • 2. Burchtvergunningen zijn geldig op maandag tot en met vrijdag tot 19.00 uur.

  • 3. Burchtvergunningen worden verleend in volgorde van ontvangst van de aanvraag. Bij gelijktijdige ontvangst vindt loting plaats.

Artikel 3 Activeren en deactiveren bezoekersvergunning

De houder van een bezoekersvergunning dan wel een bezoekersvergunning mantelzorg dient de vergunning geldig te maken door deze te activeren voor de datum, tijd en het kenteken van het voertuig waarvoor de vergunning wordt gebruikt. Na afloop dient de houder de vergunning weer te deactiveren.

Artikel 4 Algemeen

  • 1. Een vergunning is niet overdraagbaar.

  • 2. Bij eigenhandig wijzigen of kopiëren van een vergunning wordt de vergunning ingetrokken.

  • 3. De houder van een vergunning kan aan de vergunning geen recht ontlenen op een parkeerplaats.

  • 4. De houder van de vergunning dient alle aanwijzingen van het bevoegd gezag stipt en onmiddellijk op te volgen.

  • 5. In geval van wijziging van één of meer omstandigheden die relevant waren voor het besluit tot het verlenen van de vergunning, dient de vergunninghouder dit bij het college te melden. De vergunninghouder dient de melding te adresseren op dezelfde wijze als de aanvraag van een nieuwe vergunning.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2017

15 november 2016

Burgemeester en wethouders van Zaanstad

Burgemeester, secretaris,