Rijksoverheid

Regelingenpocket Vlaardingen

Titel regeling
Nadere regels en beleidsregel waarderingssubsidie literaire initiatieven
Uitgever
Vlaardingen

Tekst van de regeling

Intitulé

Nadere regels en beleidsregel waarderingssubsidie literaire initiatieven

Het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen,

 

overwegende dat het wenselijk is om op grond van artikel 4 van de Algemene Subsidieverordening Vlaardingen 2008 nadere regels vast te stellen voor waarderingssubsidies literaire initiatieven;

 

overwegende dat het voorts wenselijk is om op grond van artikel 4 van de Algemene Subsidieverordening Vlaardingen 2008 een beleidsregel vast te stellen voor waarderingssubsidies literaire initiatieven;

 

overwegende dat het artikel 2 van onderstaand besluit een beleidsregel bevat en de overige artikelen nadere regels bevatten;

 

gelet op de bepalingen in de Algemene subsidieverordening Vlaardingen 2008;

 

BESLUIT de volgende nadere regels en beleidsregel vast te stellen:

 

Artikel 1 Begripsomschrijving

In deze nadere regels en beleidsregel wordt onder waarderingssubsidie literaire initiatieven verstaan: subsidie voor initiatiefnemers van literaire initiatieven die bedoeld zijn om Vlaardingers die minder bekend zijn met literatuur en poëzie aan te moedigen hiermee kennis te maken.

 

Artikel 2 Subsidiecriteria

1. Om voor subsidie in aanmerking te komen moet de subsidieontvanger voldoen aan de in artikel 2 van de Algemene Subsidieverordening Vlaardingen 2008 genoemde criteria.

2. In deze beleidsregel wordt onder deze criteria mede verstaan dat de te subsidiëren activiteit: - betrekking heeft op literatuur en/of poëzie;

- bedoeld is voor Vlaardingers die van huis uit niet bekend zijn met literatuur;

- voor iedereen toegankelijk is;

- in samenwerking met de Stadsbibliotheek plaats vindt, die een rol in het plan moeten heben. 3. De te subsidiëren activiteit dient van goede kwaliteit te zijn. Hierbij wordt gekeken naar: - artistieke en organisatorische kwaliteit van de activiteit;

- kwaliteit en professionaliteit van de aanvrager;

- haalbaarheid;

- originaliteit.

Artikel 3 De subsidieaanvraag

1. Subsidies kunnen op twee momenten in het jaar worden aangevraagd: - tot 1 mei voor activiteiten die plaatsvinden in de 2e helft van het jaar;

- tot 1 november voor activiteiten die plaatsvinden in de 1e helft van het daaropvolgende jaar. 2. De aanvragen moeten in ieder geval bevatten: - een beschrijving van de activiteit;

- de doelstelling van de activiteit;

- een omschrijving van de doelgroep;

- een begroting van de inkomsten en uitgaven;

- een publiciteitsplan dat onder meer aangeeft hoe men de doelgroep denkt te bereiken. 3. Aanvragers die een structurele budgetsubsidie van de gemeente ontvangen komen niet voor subsidie in aanmerking.

 

Artikel 4 Beslistermijn

Burgemeester en wethouders beslissen voor 1 januari op aanvragen die betrekking hebben op de 1e helft van dat jaar en voor 1 juli op aanvragen die betrekking hebben op de 2e helft van dat jaar.

 

Artikel 5 Subsidieplafond

1. De hoogte van het bedrag dat jaarlijks wordt besteed aan waarderingssubsidies literaire initiatieven is € 30.000,=.

2. De subsidieaanvragen die in de in het eerste lid van artikel 3 genoemde aanvraagperiodes binnenkomen worden met elkaar vergeleken teneinde de plannen, naast de toetsing aan de in artikel 2 genoemde criteria, ook in relatie tot elkaar te kunnen beoordelen.

3. Indien na berekening van het totale bedrag waarop de aanvragers aanspraak kunnen maken, het subsidieplafond wordt overschreden, worden slechts de aanvragen gehonoreerd die het meest bijdragen aan de doelstellingen van het kunst- en cultuurbeleid, zodat het subsidieplafond niet wordt overschreden.

4. Onafhankelijk van de hoogte van het in lid 1 genoemde subsidieplafond is de hoogte van de waarderingssubsidie maximaal € 15.000,= per subsidie.

Artikel 6 Inhoudelijk en financieel verslag

Binnen 12 weken nadat de activiteit heeft plaatsgevonden dient een inhoudelijk en financieel

verslag te worden ingediend. Het verslag bevat in ieder geval: - een beschrijving van het verloop van de activiteit;

- een indicatie van de mate waarin de doelstelling is bereikt;

- een vermelding van het aantal deelnemers / bezoekers, eventueel uitgesplitst naar doelgroep;

- een overzicht van de uitgaven en inkomsten;

- kopieën van foto’s, publiciteitsmateriaal, persberichten, krantenartikelen etc.

Artikel 7 Overgangsbepaling

Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze nadere regels een aanvraag om een subsidie literaire initiatieven is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding nog niet op die aanvraag is beslist, zijn op die aanvraag deze nadere regels en beleidsregel van toepassing.

Artikel 8 Inwerkingtreding

Deze nadere regels en beleidsregel treden in werking op 1 mei 2008.

 

Artikel 9 Citeertitel

Deze nadere regels en beleidsregel kunnen worden aangehaald als: ‘Nadere regels en beleidsregel waarderingssubsidie literaire initiatieven’.

 

Ondertekening

Aldus op 22 april  2008 vastgesteld door burgemeester en wethouders van Vlaardingen,
 
De secretaris,                                     De burgemeester,
 
 
R. Jeltema                                          mr. T.P.J. Bruinsma
 
 
Publicatiedatum: 29 april 2008