Rijksoverheid

Regelingenpocket Vlaardingen

Titel regeling
Evenementen Nota Vlaardingen 2010
Uitgever
Vlaardingen

Tekst van de regeling

Intitulé

Evenementen Nota Vlaardingen 2010

Inleiding pagina 3 Hoofdstukken

1. Categorieën evenementen pagina 4

2. Evenementen locaties pagina 5

3. Spreiding evenementen pagina 6

4. Procedure vergunningverlening pagina 13

5. Inwerkingtreding pagina 15 Bijlage pagina 16

Hoofdstuk 1 Categorieën evenementen

Definitie evenement

Artikel 2.26 eerste lid, van de APV bepaalt dat onder evenement wordt verstaan: elk voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak. Het tweede lid bepaalt dat onder evenement mede wordt verstaan:

- een herdenkingsplechtigheid

- een braderie

- een optocht, niet zijnde een betoging op de weg als bedoeld in artikel 2.4

- een feest of wedstrijd op of aan de weg;

- een snuffelmarkt;

- een evenement als bedoeld in artikel 2.31 van deze verordening. Het eerste lid van artikel 2.26 van de APV bepaalt echter ook dat niet onder het begrip evenement vallen:

- bioscoopvoorstellingen

- markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet (weekmarkten)

- kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen

- het in een inrichting in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen

- betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties. Afbakening begrip evenement

Gelet op de ruime definitie van het begrip evenement vallen onder het begrip evenement zowel evenementen in de openlucht als evenementen die binnen worden georganiseerd. In deze notitie wordt dit onderscheid nader gespecificeerd zodat duidelijk is, wanneer een evenement vergunningvrij is. Het kan natuurlijk voorkomen dat een vergunningsvrij evenement niet aan de gestelde voorwaarden voldoet of dat het evenement een te grote weerslag heeft op de woon-, werk- en leefomgeving. Is hier sprake van, dan dient een vergunning aangevraagd te worden. Deze afweging wordt gemaakt in het Bijzonder Evenementen Overleg. In de vergunning kunnen dan aanvullende voorwaarden worden opgenomen.

Categorieën evenementen Evenementen zijn er in verschillende soorten en maten en elk evenement is weer anders. Dit betekent dat de evenementenvergunning op maat gemaakt moet worden. Toch vertonen sommige evenementen overeenkomsten, waardoor een categorisering aangebracht kan worden. Dit brengt een efficiëntere werkwijze met zich mee en meer duidelijk. Door middel van de risicoscan uit de Handreiking worden evenementen in één van de onderstaande categorieën onderverdeeld. In deze beleidsnota zijn evenementen onderverdeeld in de volgende drie categorieën: Categorie 0, meldingsplicht:

Kleinschalige evenementen zonder noemenswaardig risico en waarbij geen extra capaciteit van de hulpdiensten is vereist. 0-evenementen zijn niet vergunningplichtig, maar wel meldingsplichtig. Wordt niet voldaan aan alle voorwaarden genoemd in het aanwijzingsbesluit, dan is het evenement vergunningsplichtig en dienen leges betaald te worden de zgn. A-evenementen. Hiervoor wordt een aanwijzingsbesluit gemaakt. Een categorie 0 melding is bijvoorbeeld een straatbarbecue waarbij de straat niet wordt afgesloten. Categorie A:

Evenementen met een laag risico, waarbij er sprake is ven een beperkte impact op de omgeving en een geringe extra capaciteit van de hulpdiensten is vereist. A evenementen zijn op grond van artikel 2.27 van de APV vergunningplichtig. Een categorie A evenement is bijvoorbeeld een straatbarbecue waarbij de straat moet worden afgesloten, straatspeeldag, burendag, kleinschalige openingen, plaatsen van de kerstboom. Categorie B:

Evenement met een verhoogd risico, waarbij sprake is van een verhoogde impact op de omgeving en extra capaciteit van de hulpdiensten is vereist. Hierbij kan gedacht worden aan:, een braderie in de binnenstad zoals de Lentemarkt en de intocht van Sinterklaas. (Nazomeren en Uitfestival) B evenementen zijn op grond van artikel 2.29 van de APV vergunningplichtig. Categorie C:

Risicovol evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de omgeving en extra capaciteit van de hulpdiensten is vereist. Zoals: Koninginnedag, Loggerfestival, Zomerterras en Haringpop C evenementen zijn op grond van artikel 2.29 van de APV vergunningplichtig.

Evenementen die binnen worden georganiseerd of op particulier terrein

Dit soort evenementen kunnen verschillend van grootte zijn en zijn daardoor niet onder een specifieke categorie onder te brengen. Bij evenementen op particulier terrein komt nog het feit dat de gemeente geen eigenaar van de grond is, zoals bij evenementen op de openbare weg. Gelet hierop worden deze evenementen hier apart genoemd. Evenementen die binnen worden georganiseerd of op particulier terrein zijn op grond van het aanwijzingsbesluit ingevolge artikel 2.31 van de APV vergunningsvrij en zijn geen leges verschuldigd. Naast de melding bij de gemeente dienen de evenementen ook bij de brandweer te worden gemeld. Blijkt uit de melding dat het evenement een te grote weerslag heeft op de woon-, werk- en leefomgeving, dan kan het evenement als vergunningplichtig worden aangemerkt en dient een aanvraag ingediend te worden. Deze afweging wordt gemaakt in het Bijzonder Evenementen Overleg. Afhankelijk van het aantal bezoekers zal het evenement dan worden aangemerkt als een A, B of C evenement.

Hoofdstuk 2 Evenementenlocaties

Evenementen kunnen en worden op verschillende locaties georganiseerd. Een aantal locaties, met name die in het centrum van de gemeente Vlaardingen, worden hiervoor ook regelmatig gebruikt en één locatie is zelfs expliciet in het bestemmingsplan aangewezen als feestterrein. Bestemming

Van de meest gebruikte locaties in Vlaardingen heeft één locatie een bestemming die niet strijdig is met het gebruik van de locatie als evenementenlocatie. Dit is de Broekweg. De overige locaties zijn, als zij in gebruik zijn als evenemententerrein, in strijd met de bestemmingsplan. Met ingang van het nieuwe bestemmingsplan Stadshart zijn ook het Veerplein, de Fransestraat, het Schoutplein en de Westhavenkade aangewezen als evenemententerrein. Om deze strijdigheid op te heffen, dienen de meest gebruikte locaties in het desbetreffende bestemmingsplan aangewezen te worden als evenementenlocatie. Zolang dit niet is gebeurd, kan het college voor deze locaties ingevolge artikel 3.23, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) een ontheffing verlenen. De mogelijkheid hiertoe wordt geboden in artikel 4.1.1, eerste lid, sub h, van het Besluit ruimtelijke ordening. Artikel 4.1.1, eerste lid, sub h, bepaalt dat voor het gebruik van gronden of bouwwerken ten behoeve van evenementen een ontheffing ingevolge artikel 3.23, eerste lid, van de Wro kan worden verleend met een maximum van drie jaar en een duur van ten hoogste vijftien dagen per evenement, het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement hieronder begrepen. Aangezien deze ontheffingen beperkingen met zich meebrengen, dienen de desbetreffende bestemmingsplannen binnen de drie jaar van de verleende ontheffing te worden aangepast.

Hoofdstuk 3 Spreiding evenementen

Naast het opnemen van randvoorwaarden voor de locaties zorgt een spreiding van evenementen voor een goede balans tussen een bruisende binnenstad en een binnenstad waar het ook goed wonen en/of werken is. Met de planning en daarmee de frequentie van evenementen wordt gezorgd, dat omwonenden van populaire evenementenlocaties niet elk weekend overlast ervaren. Om bij de spreiding van evenementen duidelijke keuzen te kunnen maken, gelden in ieder geval de volgende voorwaarden:

- Per locatie kan maximaal één evenement per dag plaatsvinden.

- Evenementen die (tijdig) op de planningskalender zijn geplaatst, gaan voor op evenementen die later op de kalender willen worden geplaatst.

- In de toekomst kan regionaal afspraken worden gemaakt over de spreiding van evenementen. Voorwaarden vergunning Inleiding

Aan een vergunning voor een evenement kunnen voorwaarden worden verbonden. Een aantal van deze voorwaarden kunnen als ‘standaard’ gekwalificeerd worden en worden in onderstaande paragrafen opgesomd. In sommige paragrafen wordt bij de voorwaarden een onderscheid gemaakt in categorieën van evenementen, zoals in hoofdstuk 3 beschreven. Onderstaande voorwaarden zijn niet als uitputtend bedoeld en kunnen per evenement worden aangevuld. Tijden evenement

Begin- en eindtijden evenementen

Per categorie evenement is een maximale begin- en eindtijd opgenomen. Evenementen kunnen binnen deze tijden plaatsvinden. Voor evenementen op zondag, die voor 13.00 uur plaatsvinden, dient een ontheffing ingevolge artikel 4 van de Zondagswet te worden verleend. Wordt tijdens het evenement op zondag muziek ten gehore gebracht, die op een afstand van meer dan 200 meter van het punt van verwekking hoorbaar is, kan op grond van artikel 3 van de Zondagswet voor de tijd na 13.00 uur ontheffing worden verleend. Hierbij moet rekening gehouden worden met een eventuele soundcheck. Deze mag ook niet vóór 13.00 uur plaatsvinden. Categorie evenement Begintijd Eindtijd muziek Eindtijd evenement * A evenement – klein     Zo 13.00 uur Ma- za 09.00 uur   Gehele week 22.00 Gehele week 23.00 uur B evenement – middel    Zo- do 23.00 uur Vrij- za 01.00 uur (sluiting tap) C evenement – groot   Zo- do 22.00 uur Vrij- za 24.00 uur * Op dit tijdstip sluiten ook alle tap- en overige verkooppunten. De bezoekers dienen het evenemententerrein te verlaten. In het belang van de openbare orde en veiligheid kan in het Bijzonder Evenementen Overleg geadviseerd worden om de eindtijden van de tap- en overige verkooppunten niet gelijk te stellen aan de eindtijd van het evenement.

Op- en afbouwtijden evenementenlocatie

De op- en afbouw van evenementenlocaties vindt vaak in de vroege of late uren van de dag plaats. Om de geluidsoverlast voor omwonenden van evenementenlocaties te beperken zijn voor de op- en afbouw tijden opgenomen. Categorie evenement Opbouw vanaf Afbouw tot A evenement     zo 08.00 uur ma-za 07.00 uur   Gehele week tot 24.00 uur B evenement C evenement Aparte voorwaarde in de vergunning Geluid

Voor het bepalen en de handhaving van de geluidsnormen is aangesloten bij de “Leidraad geluid bij kleine evenementen” van juni 2007 van de DCMR Milieudienst Rijnmond. Hierin zijn voor een aantal kleine evenementen de te verwachten geluidsniveaus opgenomen.

In deze beleidsnota zijn echter drie maximum geluidsniveaus opgenomen behorende bij de drie categorieën evenementen. Dit in het kader van duidelijkheid en een betere handhaving. Voor grootschalige live concerten of meerdaagse evenementen is geen geluidsniveau opgenomen. Bij dit soort evenementen wordt maatwerk toegepast, te weten een geluidsmeting tijdens de soundcheck om het maximale geluidsniveau te kunnen bepalen. Dit betekent echter niet dat bij andere B of C evenementen geen maatwerk kan worden verricht. Bij de bespreking van het evenement in het Bijzonder Evenementen Overleg kan hiertoe worden besloten. In de evenementenvergunning kunnen dan wegens bijzondere omstandigheden afwijkende geluidsnormen worden opgenomen. In de tabel zijn de maximale geluidsniveaus opgenomen. Categorie evenement Soort evenement Geluidsniveau [dB(A)] Afstand geluidsbron (m) 0 evenement vergunningvrije buiten evenementen 70 5 A evenement kleinschalige evenementen 70 5 B evenement - feesten in buitenlucht of tent - sportevenementen: vast   omroepinstallatie - sportevenementen:   achtergrondmuziek - optochten: mobiele   omroepinstallaties - optochten: muziek op auto’s - markten en braderieën:   achtergrondmuziek - markten en braderieën:   kleinschalige live muziek 95 85   90   85   90 70   80 25 5   5   5   5 5   10 C evenement - feesten in buitenlucht of tent - kermis: versterkte muziek - kermis: aggregaten en   koelmachines - markten en braderieën:   achtergrondmuziek - markten en braderieën:   kleinschalige live muziek 100 95 70   70   80 25 5 5   5   10 Horeca-activiteiten

Indien tijdens een evenement zwakalcoholische dranken worden verstrekt, dient een ontheffing op grond van artikel 35 van de DHW te worden aangevraagd. Deze ontheffing maakt géén onderdeel uit van de evenementenvergunning, maar is een apart besluit.

De ontheffing kan alleen worden afgegeven als het schenken van zwakalcoholische dranken onderdeel uitmaakt van het evenement waarvoor een evenementenvergunning is verleend. Een losse aanvraag, niet behorend bij het evenement, wordt geweigerd.

Verbod gebruik glas tijdens evenement

Tijdens evenementen waarvoor een ontheffing op grond van artikel 35 van de Drank- en Horecawet is verleend, is het verboden glas te gebruiken. Het gebruik van plastic bekers of ‘evenementen’ glas is dan verplicht om de veiligheid van het publiek te waarborgen.

Ook voor terrassen van horecabedrijven die een terrasvergunning hebben en zich in de buurt van de evenementenlocatie bevinden, geldt tijdens het evenement dit verbod.

Circus

De locatie Broekweg is geschikt als evenementenlocatie voor een circus. Dit gelet op de bestemming, omvang en bereikbaarheid. Het beschikbare terrein wordt door de eigenaar van het circus aanvaard in de staat waarin deze verkeerd en dient na afloop ook in deze staat te worden teruggegeven.

De evenementenlocatie biedt geen plaats voor voertuigen die niet in gebruik zijn en waarvan de aanwezigheid niet noodzakelijk is voor het geven van de voorstellingen. Deze voertuigen elders geplaatst te worden. In de gemeente Vlaardingen worden per jaar maximaal twee circussen toegelaten. Alleen die circussen komen in aanmerking voor een vergunning die geen voorstellingen geven met wilde dieren. Bij meerdere aanvragen dient een keuze gemaakt te worden. De gemeente Vlaardingen hanteert een roulatiesysteem, waarbij in ieder geval aan bovenstaande voorwaarde moet worden voldaan.

Door middel van het roulatiesysteem krijgen verschillende circussen de gelegenheid om in de gemeente Vlaardingen op te treden. Om te waarborgen dat voldoende publiek naar de circusvoorstellingen komt en om rekening te houden met de woon- en leefomgeving van omwonenden, dient tussen de twee circussen minimaal drie maanden te zitten. Het opbouwen van het circus dient te geschieden onder toezicht van de brandweer.

Wordt de tent bij plaatsing met stalen pinnen in de grond verankerd, dan dient een KLIC-melding te worden gedaan. KLIC staat voor Kabels en Leidingen Informatie Centrum, hier kunnen gegevens over de kabels en leidingen in de grond verkregen worden. Mocht tijdens het evenement of achteraf worden geconstateerd dat de vergunningvoorwaarden niet worden/zijn nageleefd, dan vervalt de verleende vergunning en zal aan dat circus in het vervolg geen vergunning meer worden verleend.

Kermis

Voor het organiseren van de kermis wordt een aparte regeling opgesteld. In die regeling zullen nadere voorschriften voor de kermis worden opgenomen.

Braderieën

Het organiseren van een braderie valt onder het begrip evenement. Om te waarborgen dat er een goede afstemming komt tussen het organiseren van commerciële braderieën en de reguliere markt in Vlaardingen is er een maximumstelsel bij de regulering van evenementen opgenomen. Voor het centrum en winkelcentrum De Loper geldt dat:

• Maximaal 3 x per jaar een braderie georganiseerd mag worden door de winkeliersvereniging, waarbij de stands ingenomen dienen te worden door de winkeliers in Vlaardingen;

• Maximaal 2x per jaar mag een commerciële braderie worden georganiseerd door een evenementenbureau waarbij standhouders van buiten Vlaardingen in de gelegenheid kunnen worden gesteld hun waren te verkopen.

• De markt kan alleen verplaatst worden voor een evenement en niet voor een braderie. Voor de overige pleinen in Vlaardingen geldt:

• Dat op maximaal 2 pleinen in Vlaardingen per jaar een vergunning wordt afgegeven aan organisatoren van commerciële braderieën, niet zijnde winkeliersverenigingen Uitzonderingen op dit maximumstelsel zijn de braderieën die onderdeel zijn van de Lentemarkt, Nazomeren, Kerstmarkt, Loggerfestival en de activiteiten op Koninginnedag en 5 mei deze zijn onderdeel van de stadsfeesten van Vlaardingen en de antiek- en curiosamarkten die 6 x per jaar in Vlaardingen plaatsvinden. Verkeersmaatregelen, wegafzettingen en omleidingen

Alle verkeersmaatregelen moeten in overleg en met goedkeuring van de afdeling Openbare Werken. In het Bijzonder Evenementen Overleg (BEO zie 6.2.3) zullen deze besproken worden. Door de komst van nieuwe wetgeving rondom verkeersregelaars zijn alle evenementen waarbij verkeersregelaars dienen te worden ingezet vergunningplichtig en kunnen niet worden afgedaan met een melding.

Elektriciteit en water

De organisator dient zelf te regelen dat hij gebruik kan maken van elektriciteit en water. Dit gaat niet via de gemeente, maar via de nutsbedrijven. De gemeente heeft alleen een overzicht van de locaties van de elektrapunten binnen de gemeente Vlaardingen en van de telefoonnummers van de nutsbedrijven.

Afvalinzameling en schoonmaak

Afvalinzameling

De organisator is zelf verantwoordelijk voor de afvalinzameling. Op de evenementenlocatie dienen voldoende afvalpunten te zijn en deze dienen gedurende het evenement regelmatig door de organisator te worden geleegd. Het gaat hier niet alleen om het afval van de bezoekers, maar ook om het afval van eventuele verkooppunten, zoals eetkraampjes, buitentappunten en dergelijke.

Schoonmaak

De organisator is zelf verantwoordelijk en aansprakelijk voor de schoonmaak van de evenementenlocatie en de directe omgeving. Bij evenementen waar veel afval of andere verontreiniging te verwachten is, wordt voor en na het evenement de locatie geschouwd en dit schriftelijk vastgelegd. In het Bijzonder Evenementen Overleg wordt hiertoe besloten. Indien na afloop van het evenement wordt geconstateerd dat de locatie niet schoon is achtergelaten, dan zal de organisator direct verzocht worden de niet schoongemaakte (delen van de) locatie alsnog schoon te maken. Geeft de organisator geen gehoor aan dit verzoek, dan wordt de locatie door de gemeente op kosten van de organisator schoongemaakt. Uitzondering op de schoonmaakplicht van de organisator zijn evenementen in het kader van de nationale feestdagen, zoals Koninginnedag, 4 en 5 mei, en de intocht van Sinterklaas. Bij dit soort evenementen zorgt de gemeente voor schoonmaak van de locatie.

Veiligheid/ Bewaking

Bij B en C evenementen dient de organisator bij de aanvraag een veiligheidsplan te overleggen. Het veiligheidsplan regelt in ieder geval de contactpersonen (inclusief mobiele telefoonnummers), het toezicht (beveiliging), de EHBO en het handelen bij calamiteiten. Voor B en C evenementen wordt op basis van de handreiking publieksveiligheid bij evenementen en het Bijzonder Evenementen Overleg geadviseerd of het inschakelen van een beveiligingsdienst verplicht wordt gesteld.

Een beveiligingsdienst is ook verplicht indien ’s nachts tijdelijke bouwwerken of andere zaken, zoals tappunten, blijven staan. Bovenstaande betekent echter niet dat bij de overige evenementen de organisator geen zorg hoeft te dragen voor de veiligheid van de bezoekers. Deze verplichting heeft de organisator altijd, alleen hoeft dit niet altijd met behulp van een beveiligingsdienst. Wordt gebruik gemaakt van een beveiligingsdienst dan dient dit te gebeuren overeenkomstig de voorschriften van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus. De kosten van deze beveiligingswerkzaamheden zijn voor rekening van de organisator. Tijdelijk bouwwerk

Indien een tijdelijk bouwwerk, zoals een overkapping, grote tent (geen partytent), tribune of podium, wordt geplaatst, dient deze deugdelijk te zijn. Om van een deugdelijk bouwwerk uit te kunnen gaan, mogen alleen gecertificeerde bouwwerken worden geplaatst. Bij de vergunningaanvraag dient (een kopie van) het certificaat te worden gevoegd. Tevens wordt advies ingewonnen bij de brandweer.

Brandveiligheidsvoorschriften

Bij het organiseren van een evenement dient rekening gehouden te worden met brandveiligheidsvoorschriften. De brandweer heeft bij de vergunningverlening een adviserende en vergunningverlenende rol. Hierbij wordt getoetst aan het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (het Gebruiksbesluit), de Brandweerwet, de Brandbeveiligingsverordening en het eigen beleid van de brandweer inzake evenementen. De brandveiligheidsvoorschriften maken onderdeel uit van de evenementenvergunning.

Schade en aansprakelijkheid

De wettelijke aansprakelijkheid van de gemeente is vaak gekoppeld aan het criterium ‘zorgplicht’. De gemeente heeft de zorgplicht voor de openbare weg en de vrije ruimte. Wat precies onder ‘zorgplicht’ moet worden verstaan, is wettelijk niet uitputtend omschreven.

Aan de hand van het zorgplichtcriterium kan worden beoordeeld of de gemeente in bepaalde gevallen, zoals ongelukken met losliggende stoeptegels, met bedradingen op en/of over de openbare weg of met verplaatste hekken, wettelijk aansprakelijk is. Geen tot weinig risico op schade

Ondanks vergunningverlening, dus toestemming voor een evenement, blijft de gemeente een zorgplicht houden ten aanzien van de veiligheid op de openbare weg. Is de vergunningverlening echter op een deugdelijke wijze geschied en bestaat geen tot weinig risico op schade bij overtreding van een vergunningvoorwaarde, dan bestaat geen verplichting tot het houden van algemeen toezicht rondom het evenement en zal het nalaten van een dergelijk toezicht niet snel tot aansprakelijkheid leiden. Risicovol

Dit ligt anders, indien bij voorbaat te verwachten is dat een geringe overtreding van een vergunningvoorwaarde zeer ernstige schade zal kunnen veroorzaken. In dit soort situaties dient de gemeente rondom het evenement algemeen toezicht te houden. Dit betekent in ieder geval dat voor en na het evenement de locatie wordt geschouwd en deze schouw schriftelijk wordt vastgelegd. Bij C evenementen dient dit altijd te geschieden. Tijdens het evenement kan een toezichthouder aanwezig zijn of wordt gekozen voor het op basis van oproep beschikbaar zijn van de toezichthouder (de politie is dan eerste aanspreekpunt en die schakelt de toezichthouder in). Organisator aansprakelijk

Bovenstaande laat echter niet onverlet dat de organisator zelf altijd eerste verantwoordelijke is voor het gebeuren tijdens het evenement. Voor veroorzaakte schade is in beginsel de organisator aansprakelijk en zal deze op hem worden verhaald. Heeft de organisatie geen aansprakelijkheidsverzekering afgesloten, dan bestaat de kans dat de schade niet vergoed kan worden. Gelet hierop is het noodzakelijk aan de organisator, indien de kans op schade aannemelijk is, de verplichting op te leggen een eigen aansprakelijkheidsverzekering af te sluiten.

In de vergunning zal de voorwaarde worden opgenomen dat de organisator te allen tijde verantwoordelijk is en blijft voor het evenement.

Herstel schade

Schade aan eigendommen van de gemeente wordt altijd door de gemeente zelf op kosten van de organisator hersteld.

Waarborgsom

Op advies van de Afdeling Openbare Werken kan in incidentele gevallen in het Bijzonder Evenementen Overleg worden besloten tot het vragen van een waarborgsom aan de organisator. Een waarborgsom kan gevraagd worden indien op grond van gegronde redenen de vrees bestaat voor schade aan eigendommen van de gemeente tijdens het evenement. Voor het verkrijgen van de waarborgsom wordt een aparte overeenkomst met de organisator gesloten. In de overeenkomst wordt geregeld dat de organisator de locatie na afloop van het evenement schoon en schadevrij dient achter te laten. Als de organisator hiervoor zorgt, dan wordt de gehele waarborgsom teruggestort.

Blijkt dat de locatie niet schoon is, na eerst de organisator in de gelegenheid te hebben gesteld de locatie alsnog schoon te maken, of dat schade is ontstaan aan eigendommen van de gemeente, dan worden de kosten die de gemeente maakt om de locatie schoon te maken of de schade te herstellen, verrekend met de gestorte waarborgsom.

Reclame en verkoop- en promotieactiviteiten

Reclameborden/ driehoeksborden

Het zelf plaatsen van reclameborden is verboden. Wil de organisator voor het evenement reclame maken door middel van reclameborden, dan dient hiervoor contact te worden opgenomen met de beheerder van de driehoeksborden in de gemeente Vlaardingen.

Vlaggen en spandoeken

Banieren zijn alleen toegestaan bij vergunde evenementen. Bij niet vergunde evenementen kunnen alleen vlaggen worden aangevraagd.

Verkoop- en promotieactiviteiten

Tijdens een evenement is het mogelijk om goederen en/of waren te verkopen en/of te promoten. Tevens is het mogelijk om folders en/of samplers uit te delen. In de aanvraag om evenementenvergunning moet dit worden aangegeven, zodat het in de evenementenvergunning wordt meegenomen. Het is aan de organisator om te bepalen welke bedrijven of partijen hij op het evenement toestaat.

Overige activiteiten

Ballonnen oplaten

Voor het oplaten van meer dan 1.000 ballonnen dient de organisator toestemming van de luchtverkeersleiding van Rotterdam/The Hague Airport te hebben verkregen. Deze ballonnen mogen niet hoger en/of breder zijn dan 75 centimeter.

Ufo- of wensballonnen

De gemeente Vlaardingen vindt het onwenselijk om ufo- of wensballonnen op te laten. Deze ballonnen werken als heteluchtballonnen en blijven ongeveer een kwartier in de lucht. Doordat deze ballonnen brandend neer kunnen dalen, zit aan het gebruik van deze ballonnen grote risico’s voor gebouwen, bossen en verkeer. Officieel mag een wensballon alleen worden opgelaten bij een windkracht 1 of 2. Gelet op de geografische ligging van Vlaardingen is hier bijna nooit sprake van.

Afsteken vuurwerk

Vuurwerk afsteken buiten de jaarwisseling is verboden. De provincie Zuid-Holland kan echter aan erkende bedrijven hiervoor een vergunning verlenen. Het vuurwerkbedrijf dient hiervoor zelf de aanvraag in te dienen bij de provincie Zuid-Holland. Na akkoord van de provincie zal de DCMR aan de gemeente om een verklaring van geen bezwaar van de burgemeester vragen.

Landen en opstijgen helikopter

Voor het laten landen en opstijgen van een helikopter dient de organisator een verklaring van geen bezwaar bij de burgemeester aan te vragen. Maakt het landen en opstijgen van een helikopter onderdeel uit van een evenement, dan dient dit in de aanvraag om evenementenvergunning te worden vermeld. In het Bijzonder Evenementen Overleg wordt deze melding dan nader besproken. Na ontvangst van de verklaring van geen bezwaar dient de organisator het landen en opstijgen van de helikopter te melden bij de luchtverkeersleiding Rotterdam Airport.

 

Hoofdstuk 4 Procedure vergunningverlening

Aanvraag om evenementenvergunning

Indieningstermijn

In hoofdstuk 5 is beschreven dat uiterlijk 1 december van het lopende kalenderjaar C evenementen en, voor zover bekend, B evenementen voor het komende kalenderjaar bij de gemeente bekend gemaakt moeten worden. De officiële aanvragen om evenementenvergunning kunnen op een later tijdstip worden ingediend. Hiervoor gelden de volgende indieningstermijnen. Categorie evenement Indieningstermijn voor aanvang van het evenement 0 evenement tenminste 5 werkdagen A evenement tenminste 3 weken B evenement tenminste 6 weken C evenement tenminste 12 weken De aanvragen voor een B evenement en een C evenement dienen door middel van het daarvoor vastgestelde aanvraagformulier (bijlage 2) bij de gemeente te worden ingediend.

Beslistermijn

Voor de beslistermijn wordt aangesloten bij het algemene artikel in de APV, artikel 1.2. In dit artikel is bepaald dat het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag ontvangen is. Voor C evenementen wordt de beslistermijn gelijkgesteld aan de indieningstermijn, te weten 12 weken (artikel 1.2, tweede lid, van de APV). Beoordeling aanvraag

Grootschalige evenementen

Grootschalige evenementen categorie C worden regionaal besproken en afgestemd i.v.m. de benodigde inzet van politie. Een aanvraag voor een grootschalig evenement welke ook inzet van de politie vraagt, kan geweigerd worden, omdat in een andere gemeente in de regio een evenement plaats vindt wat de inzet vraagt van politie.

Tussenbericht

Na ontvangst van de aanvraag om evenementenvergunning wordt beoordeeld of de aanvraag compleet is. Een onvolledige aanvraag zal met de nog ontbrekende gegevens binnen een bepaalde termijn aangevuld moeten worden. De aanvrager ontvangt hiertoe schriftelijk een verzoek. Wanneer de aanvraag volledig is en verder in behandeling wordt genomen, wordt een tussenbericht verzonden. Dit tussenbericht vermeldt de nog te doorlopen procedure van de aanvraag om evenementenvergunning, waaronder de datum van het Bijzonder Evenementen Overleg waarin de aanvraag wordt besproken en de mededeling dat na het overleg met de organisator telefonisch contact wordt opgenomen.

Adviesaanvraag

Is de aanvraag volledig, dan wordt deze voor advies uitgezet bij verschillende afdelingen van de gemeente en een aantal externe organisaties. In ieder geval wordt advies gevraagd aan de volgende afdelingen en externe organisaties:

- Afdeling Openbare Werken

- Politie

- Brandweer

- RET/QBUZZ

- GHOR Via openbare werken eventueel advies externen zoals RET/QBUZZ

Bijzonder Evenementen Overleg

In het Bijzonder Evenementen Overleg (BEO) worden de aanvragen om evenementenvergunning, die voor advies zijn uitgezet, besproken. Het overleg vindt tweewekelijks plaats, mits er voldoende aanvragen te bespreken zijn. Indien de complexiteit, of andere bijzondere omstandigheden, van een aanvraag dit vergt, kan tussentijds een apart overleg worden ingepland. Het BEO wordt voorgezeten door een medewerker van de sectie Toezicht en Veiligheid. Aan het BEO nemen in ieder geval de volgende partijen deel:

- Afdeling Openbare Werken

- Politie

- Brandweer Indien de complexiteit, of andere bijzondere omstandigheden, van het evenement dit vergt, kan de GHOR en/of de organisator van het evenement voor het overleg worden uitgenodigd. Tijdens het overleg brengen de partijen, ieder voor wat betreft hun expertise en bevoegdheden, advies uit. De uiteindelijke adviezen worden omgezet in vergunningvoorwaarden en in de evenementenvergunning opgenomen. Vergunningverlening

Na positieve advisering, eventueel onder aanvullende voorwaarden, en afweging van alle (overige) belangen, wordt de definitieve evenementenvergunning opgesteld. Het betreft hier een zogenoemde ‘paraplu’-vergunning: één vergunning (één integraal besluit) waarin verschillende vergunningen uit de APV zijn opgenomen. Het kan echter voorkomen dat een bepaalde activiteit niet meegenomen kan worden in de ‘paraplu’-vergunning. In dit geval wordt gelijktijdig met de evenementenvergunning een aparte vergunning of ontheffing verleend. Na het opstellen van de definitieve evenementenvergunning kan de vergunning door de gemandateerde ondertekend worden en verzonden.

Zienswijze en publicatie

Evenementenvergunningen worden niet gepubliceerd. Aanvragen om evenementenvergunning worden in een aantal gevallen gepubliceerd. Publicatie hangt af van de categorie, waaronder het evenement valt. Categorie evenement Publicatie van de aanvraag 0 evenement Nee A evenement Nee B evenement Ja C evenement Ja Na publicatie van de aanvraag heeft een ieder twee weken de tijd om een zienswijze in te dienen. Bij de vergunningverlening dient deze zienswijze gemotiveerd te worden meegenomen. De indiener van een zienswijze ontvangt een kopie van de evenementenvergunning of de weigering van de aanvraag om evenementenvergunning.

Hoofdstuk 5 Inwerkingtreding

Vaststellen: “Evenementen Nota Vlaardingen 2010”, Dit beleid treedt in werking op de dag na publicatie. Deze beleidsregels worden aangehaald als “Evenementen Nota Vlaardingen 2010”

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de collegevergadering van
de secretaris     de burgemeester  
ir. C. Kruyt           T.P.J. Bruinsma
 

Bijlage Evenementenbeleid Vlaardingen

Wettelijk kader

Algemene regelgeving

Bij de verlening van een evenementenvergunning dient rekening gehouden te worden met verschillende wetten en regels. Hieronder wordt kort die regelgeving besproken die ten grondslag ligt aan de evenementenvergunning.

Algemene wet bestuursrecht

Het verzoek om een evenementenvergunning wordt aangemerkt als een aanvraag en de beslissing op de aanvraag als een besluit (artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht hierna te noemen Awb). Belanghebbenden kunnen bezwaar maken en beroep instellen tegen een besluit, in deze beleidsnota de evenementenvergunning (artikel 8:1 juncto 7:1 van de Awb). Tevens is de Awb maatgevend, in die zin dat, voor zover niets is geregeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) of een andere formele wet, de Awb als ‘vangnet’ fungeert met betrekking tot het handelen van de gemeente, beslistermijnen, bekendmaking van de besluiten en de rechtsbescherming voor belanghebbende derden (bezwaar- en beroep).

Gemeentewet

De Gemeentewet regelt onder meer welk bestuursorgaan bevoegd is welke besluiten te nemen. Evenementen hebben hun weerslag op de openbare orde en vallen ingevolge artikel 172 en 174 van de Gemeentewet onder de bevoegdheid van de burgemeester. Artikel 172 van de Gemeentewet bepaalt dat de burgemeester belast is met de handhaving van de openbare orde en dat hij bevoegd is om alle bevelen te geven die noodzakelijk geacht worden voor de handhaving van de openbare orde.

En artikel 174 van de Gemeentewet bepaalt dat de burgemeester is belast met het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven.

Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Vlaardingen

Afdeling 2 van hoofdstuk 2 van de APV regelt het toezicht op evenementen. Op het moment van opstellen van deze beleidsnota wordt een wijziging van de APV voorbereid. Voor zover de wijziging evenementen aangaat, wordt in deze beleidsnota daarmee rekening gehouden. Artikel 2.26 van de APV bepaalt dat het verboden is zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. Wat onder een evenement moet worden verstaan, wordt omschreven in artikel 2.26 van de APV. Voor grootschalige evenementen is een apart artikel in de APV opgenomen, artikel 2.29. Dit artikel bevat nadere voorschriften voor grootschalige evenementen en kan als een aanvulling op artikel 2.26 van de APV worden gezien. In artikel 2.31 van de APV is een vrijstellingsmogelijkheid opgenomen: de burgemeester kan evenementen aanwijzen waarvoor geen vergunningplicht geldt, maar waar onder nader door hem te stellen voorschriften kan worden volstaan met een melding. In een apart aanwijzingsbesluit worden de criteria opgenomen op grond waarvan evenementen niet vergunningplichtig zijn. Het zal hier gaan om kleinschalige, eendaagse evenementen. Evenementen die binnen worden georganiseerd en evenementen op particulier terrein mits zij door aard en omvang geen grote weerslag heeft op de omgeving zijn vrij van vergunningplicht.

Overige regelgeving

Onderstaande regelgeving is een opsomming van veel voorkomende regelgeving die van toepassing kan zijn op evenementen. Deze opsomming is echter niet uitputtend. Per aanvraag zal bekeken moeten worden of aan deze of andere regelgeving getoetst moet worden. De regelgeving die ten grondslag ligt aan brandveiligheidsvoorschriften is opgenomen in hoofdstuk 6 “Voorwaarden vergunning”. • Wet ruimtelijke ordening / bestemmingsplannen

Evenementenlocaties moeten in overeenstemming zijn met de bestemming van de locatie. Voor locaties die niet de bestemming evenementenlocatie hebben, dient een ontheffing op grond van de Wet ruimtelijke ordening aangevraagd te worden. Artikel 4.1.1, eerste lid, sub h, van het Besluit ruimtelijke ordening bepaalt dat voor het gebruik van gronden of bouwwerken met een maximum van drie jaar ontheffing op grond van artikel 3.23, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening kan worden verleend. • Drank- en Horecawet

Voor het mogen schenken van zwakalcoholische drank op de openbare weg of in een inrichting waar geen reguliere Drank- en Horecavergunning voor is afgegeven, is een ontheffing van de burgemeester noodzakelijk op grond van artikel 35 van de Drank- en Horecawet (DHW). Deze ontheffing kan worden verstrekt bij een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard (een aaneengesloten periode van maximaal twaalf dagen). • Wet op de kansspelen

Een kansspel kan onderdeel uitmaken van een evenement. Op grond van de Wet op de kansspelen (Wok) is het verboden een bijeenkomst, waar gelegenheid tot het deelnemen aan het kansspel wordt gegeven, te organiseren. Burgemeester en wethouders kunnen hier op grond van artikel 3 van de Wok een ontheffing voor verlenen. Voor kleine kansspelen, zoals het kienspel, vogelpikspel en rad van avontuur, kan worden volstaan met een melding. • Zondagswet

In de Zondagswet is de zondagsrust gewaarborgd. Artikel 4 van deze wet geeft aan dat het verboden is om op zondag voor 13.00 uur openbare vermakelijkheden te houden, daartoe gelegenheid te geven of daaraan deel te nemen. Op grond van het derde lid van dit artikel kan de burgemeester ontheffing van dit verbod verlenen en een evenement met een aanvangstijdstip vroeger dan 13.00 uur toestaan.

Artikel 3 van de Zondagswet bepaalt dat het verboden is zonder strikte noodzaak gerucht te verwekken, dat op een afstand van meer dan 200 meter van het punt van verwekking hoorbaar is. Op grond van het derde lid van dit artikel kan de burgemeester ontheffing voor de tijd na 13.00 uur verlenen van het verbod in het eerste lid en tijdens een evenement op zondag na 13.00 uur geluid toestaan. • Regeling verkeersregelaars

Voor sommige evenementen (op de openbare weg of met een groot aantal bezoekers) kan het aanstellen van verkeersregelaars verplicht gesteld worden. In de Regeling verkeersregelaars 2009 zijn hiervoor voorwaarden opgenomen. De politie Rotterdam-Rijnmond draagt zorg voor de opleiding en de gemeente Vlaardingen voor de aanstelling van de verkeersregelaars. • Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 / Wegsleepverordening Vlaardingen 2005

Sommige evenementen vinden plaats op een locatie met parkeerplaatsen. Tijdens het evenement dienen deze parkeerplaatsen leeg te zijn. In de Wegsleepverordening is dit niet expliciet geregeld. Auto’s op de locatie van het evenement kunnen worden versleept naar een vrije locatie.

• Wet wapens en munitie

Bij het dragen of gebruiken (enkel losse lading) van wapens tijdens een evenement is een verklaring van geen bezwaar van de burgemeester nodig. Eén van de voorwaarden voor het kunnen afgeven van deze verklaring is dat de aanvrager hiervoor al een regulier verlof van de politie heeft. • Vuurwerkbesluit

Voor het afsteken van vuurwerk tijdens een evenement is een vergunning danwel toestemming nodig van Gedeputeerde Staten van de provincie waar het vuurwerk wordt afgestoken (artikel 3.2.2 juncto 3.3.4a van het Vuurwerkbesluit). Alvorens toestemming te verlenen stellen Gedeputeerde Staten onder andere de burgemeester in de gelegenheid advies uit te brengen over de beslissing op aanvraag (artikel 3.3.4, vierde lid, van het Vuurwerkbesluit). • Luchtvaartwet

Voor het mogen opstijgen of landen met een heteluchtballon of helikopter dient u een ontheffing te hebben van de provincie Zuid-Holland en het landen of opstijgen te melden aan de gemeente.

Deze ontheffing voor Tijdelijk en Uitzonderlijk Gebruik (TUG) vraagt u aan bij de provincie Zuid-Holland. Indien u in het bezit bent van een ontheffing dient u het landen of opstijgen tijdig bij de gemeente te melden (minimaal 24 uur van te voren). U moet uw melding digitaal bij de gemeente indienen door het meldingsformulier in te vullen. De gemeente brengt vervolgens de brandweer en de politie op de hoogte.

Inherente afwijkingsbevoegdheid

De burgemeester en/of het college van de gemeente Vlaardingen handelen, ieder voor wat betreft hun bevoegdheden, overeenkomstig de “Notitie (de)regulering evenementen” en de daarbij behorende wetten en regels. Indien blijkt dat de regels en voorwaarden uit deze beleidsnota voor een of meer belanghebbenden, dit kunnen zowel organisatoren als omwonenden zijn, gevolgen hebben, die wegens zeer bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding met de regels en voorwaarden uit deze beleidsnota, kan de burgemeester of het college hiervan gemotiveerd afwijken. Daarnaast kan de burgemeester besluiten dat, wegens zeer bijzondere omstandigheden en in ieder geval in het belang van de gemeente Vlaardingen, een evenement toch kan plaatsvinden ook al wordt niet voldaan aan deze beleidsnota of biedt deze beleidsnota geen mogelijkheid om het evenement plaats te laten vinden. 2. PLANNINGSKALENDER EVENEMENTEN

Voor een duidelijk overzicht van evenementen in een bepaalde periode is een planningskalender een geschikt instrument. Als tijdsbestek voor de kalender wordt aangesloten bij de kalenderjaren. Voorafgaand aan een kalenderjaar wordt de planningskalender gevuld met de A evenementen en, voor zover bekend, de B evenementen voor het komende kalenderjaar. Door vooraf de evenementen in te plannen kan een goede spreiding worden gerealiseerd en daarmee overlast zo veel mogelijk worden voorkomen.

Aanmelding evenementen

Uiterlijk 1 december van het lopende kalenderjaar dienen de A evenementen en, voor zover bekend, de B evenementen voor het komende kalenderjaar bij de gemeente bekend gemaakt te worden. Voor evenementen die na 1 december bij de gemeente bekend worden gemaakt, geldt dat rekening gehouden moet worden met de evenementen die al op de planningskalender ingepland staan. Deze ingeplande evenementen gaan voor op later gemelde evenementen. 3. KOSTEN

Plaatsen wegafzettingen

Wegafzettingen mogen alleen met behulp van verkeershekken, een en ander conform CROW-richtlijn 96B, tot stand worden gebracht. De hekken kunnen bij de gemeente afgehaald worden. Soort evenement Betalen huur voor de hekken Zelf halen Mogelijkheid tot laten halen en brengen door de gemeente Borg 0 evenement Geen afzettingen       A evenement Nee Ja, gratis Ja, gratis     Ja B evenement Nee Ja, gratis Ja, tegen betaling van de kosten (transport en inzet medewerkers) C evenement Nee Ja, gratis Ja, tegen betaling van de kosten (transport en inzet medewerkers) Op dit moment hoeven organisatoren van evenementen nog niet te betalen voor gemeentelijk materieel. Dat zou in de toekomst gewijzigd kunnen worden. In gebruik nemen parkeerplaatsen

Sommige evenementenlocaties omvatten parkeerplaatsen met betaald parkeren of parkeerplaatsen voor vergunninghouders. Gedurende het evenement zijn deze parkeerplaatsen niet te gebruiken en worden parkeerinkomsten door de gemeente misgelopen. Bij het in gebruik nemen van parkeerplaatsen kan per evenement worden besloten aan omwonenden en/of ondernemers, die zich gevestigd hebben rondom de evenementenlocatie, een vervangende parkeerplaats aan te bieden. Deze afweging wordt gemaakt in het Bijzonder Evenementen Overleg. Omleidingen

De kosten die voor omleidingen in rekening worden gebracht, neemt de gemeente op zich.