Rijksoverheid

Regelingenpocket Utrecht

Titel regeling
Besluit van 8 november 2004, houdende vaststelling van de verordening programmaraad Randstedelijke Rekenkamer
Uitgever
Utrecht

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit van 8 november 2004, houdende vaststelling van de verordening programmaraad Randstedelijke Rekenkamer

Besluit van 8 november 2004, prov. blad 2005, 29, houdende vaststelling van de verordening programmaraad Randstedelijke Rekenkamer

Provinciale Staten van de provincie Utrecht

Gelezen Het beslisdocument tot instelling van een Randstedelijke Rekenkamer Het voorstel om te komen tot een Programmaraad Gezien Het besluit van Provinciale Staten van 8 november 2004 tot het aangaan van de gemeenschappelijke regeling Randstedelijke Rekenkamer Het daarmee verband houdende instellingsbesluit van 8 november 2004 Programmaraad

Gelet op De artikelen 12 en 13 van de hiervoor vermelde gemeenschappelijke regeling De artikelen 82 en 145 Provinciewet

Besluit Vast te stellen de volgende Verordening Programmaraad Randstedelijke Rekenkamer

Artikel 1 Definities

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • 1.

    Programmaraad: het adviesorgaan voor de provinciale staten gezamenlijk en afzonderlijk van de provincies Flevoland, Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland en de Randstedelijke Rekenkamer.

  • 2.

    Rekenkamer: de Randstedelijke Rekenkamer ingesteld overeenkomstig de artikelen 79 l en volgende Provinciewet.

  • 3.

    Bestuurder/directeur: het lid van de Randstedelijke Rekenkamer.

  • 4.

    Regeling: de gemeenschappelijke regeling Randstedelijke Rekenkamer.

  • 5.

    Deelnemers: de provinciale staten van Flevoland, Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland die deelnemen aan de regeling.

Artikel 2. Taakstelling

  • 1 De programmaraad geeft de deelnemers gevraagd en ongevraagd advies over en naar aanleiding van het onderzoeksprogramma van de rekenkamer.

  • 2 De programmaraad adviseert de rekenkamer of de bestuurder/directeur daarvan bij de voorbereiding van het onderzoeksprogramma. Daarnaast kan de programmaraad op verzoek van de rekenkamer adviseren over voorgenomen onderzoeken en/of de wijze van uitvoering van een onderzoek.

  • 3 In de uitoefening van haar adviestaak zorgt de programmaraad voor afstemming tussen de deelnemers onderling en voor een consistente communicatie tussen de deelnemers enerzijds en de rekenkamer anderzijds.

  • 4 De programmaraad wordt om advies gevraagd met betrekking tot de op te stellen profielschets bij een voorgenomen benoeming van een bestuurder/directeur.

  • 5 Bij de uitoefening van de adviestaak bewaakt de programmaraad voortdurend de onafhankelijkheid van de rekenkamer. 

Artikel 3 Samenstelling en benoeming

  • 1 De programmaraad bestaat uit minimaal acht en maximaal twaalf leden, welke gelijkelijk over deelnemers verdeeld zijn.

  • 2 De leden van de programmaraad zijn afkomstig uit de leden van Provinciale Staten, met dien verstande dat elke deelnemer een lid van buiten die kring kan aanwijzen.

  • 3 Tegelijk met de benoeming van de leden van de programmaraad worden in de verhouding zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel plaatsvervangende leden benoemd.

  • 4 De leden van de programmaraad hebben een zittingsduur gelijk aan die van de deelnemers die hen benoemen. Een lid van de programmaraad is eenmaal herbenoembaar.

  • 5 De deelnemers dragen er zorg voor dat in de eerste vergadering van Provinciale Staten na de verkiezingen de leden van de programmaraad aangewezen worden overeenkomstig het bepaalde in dit artikel.

  • 6 Een lid van de programmaraad kan te allen tijde ontslag nemen door daartoe een schriftelijk verzoek in te dienen bij de deelnemer, die hem benoemd heeft.

  • 7 Indien een lid gedurende langere tijd niet of niet voldoende in de programmaraad functioneert, kan de deelnemer, gehoord de overige deelnemers, het lidmaatschap daarvan tussentijds beëindigen.

  • 8 In geval van een tussentijdse vacature draagt de deelnemer die dit lid had benoemd, terstond zorg voor de benoeming van een nieuw lid.

Artikel 4 Werkwijze

  • 1 De programmaraad vergadert tenminste twee keer per kalenderjaar en voorts wanneer de helft van het aantal leden of van de deelnemers onder schriftelijke opgave van de agendapunten daarom verzoeken.

  • 2 De programmaraad vergadert wanneer de rekenkamer onder schriftelijke opgave van de redenen daarom verzoekt.

  • 3 De vergaderingen van de programmaraad en de daarin te bespreken documenten zijn niet openbaar. De adviezen die de programmaraad uitbrengt zijn wel openbaar.

  • 4 De programmaraad wijst zelf haar voorzitter aan. Zij kan daarbij kiezen voor de zittingsduur van minimaal een jaar dan wel een langere periode.

  • 5 De programmaraad regelt zelf de plaats van de vergaderingen.

  • 6 Voor het houden van een vergadering is de aanwezigheid van de helft plus een van het aantal leden vereist. Is dit aantal niet aanwezig dan schrijft de voorzitter terstond een tweede vergadering uit, welke niet later gehouden mag worden dan drie weken na de eerste vergadering.

  • 7 De programmaraad kan, indien dit voor de uitoefening van haar taak gewenst dan wel noodzakelijk is, derden in haar vergadering uitnodigen om toelichting of nadere informatie te geven.

  • 8 De programmaraad brengt haar adviezen, indien nodig, met meerderheid van stemmen uit, waarbij ieder lid een stem heeft.

  • 9 De programmaraad regelt overigens zelf haar vergaderorde en wijze van verslaglegging en legt deze vast in een huishoudelijk reglement.

  • 10 De programmaraad wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris, die afkomstig is uit de provincie Flevoland.

  • 11 Alle stukken die van de programmaraad uitgaan, worden ondertekend door de voorzitter en de ambtelijk secretaris.

Artikel 5 Vacatiegelden en reiskosten

De leden van de programmaraad ontvangen een vergoeding voor de voorbereiding en het bijwonen van de vergaderingen en voor de reiskosten op grond van de Verordening geldelijke voorzieningen staten- en commissieleden van de deelnemer die hen benoemd heeft. 

Artikel 6 Evaluatie

  • 1 De taakstelling en de wijze van functioneren van de programmaraad worden periodiek geëvalueerd. De eerste keer zal dit gebeuren gelijk met het eerste evaluatiemoment van de rekenkamer zoals vastgelegd in de regeling. Vervolgens geschiedt de evaluatie iedere twee jaar na de benoeming van de nieuwe leden van de programmaraad.

  • 2 De programmaraad doet met betrekking tot de evaluatie, zoals bedoeld in het vorige lid, een voorstel aan de deelnemers, die vervolgens hierover een besluit zullen nemen.

  • 3 Bij een evaluatie wordt in ieder geval de bestuurder/directeur gehoord. 

Artikel 7 Wijziging

Tussentijdse wijziging van deze verordening door Provinciale Staten is alleen mogelijk indien alle deelnemers met de voorgenomen wijziging instemmen. 

Artikel 8 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening Programmaraad Randstedelijke Rekenkamer.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van Provinciale Staten van Utrecht van 8 november 2004.
Voorzitter mr. B. Staal Griffier drs W.L.F. van Herwijnen