Rijksoverheid

Wettenpocket Kaderwet subsidies Ministerie van Buitenlandse Zaken

Titel regeling
Besluit mandatering bevoegdheden uitvoering enkele programma’s Internationaal Onderwijs
Type
Ministeriele-regeling
Wetsfamilie
Besluit mandatering bevoegdheden uitvoering enkele programma’s Internationaal Onderwijs; Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006; Subsidiebesluit Ministerie van Buitenlandse Zaken; Kaderwet subsidies Ministerie van Buitenlandse Zaken; Algemene wet bestuursrecht
Geldend vanaf
1-3-2013
Geselecteerde elementen
Volledig
Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 20 februari 2013, kenmerk DSO/OO-050/13, houdende mandatering van bevoegdheden tot uitvoering van enkele programma’s op het gebied van het Internationaal Onderwijs

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,

Gelet op de artikelen 6.4 en 6.5 van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 en afdeling 10.1.1.van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Aan de voorzitter van de Stichting Nuffic (Nederlandse Organisatie voor internationale samenwerking in het Hoger Onderwijs) wordt mandaat en machtiging verleend om namens de minister:

    • a. besluiten te nemen inzake subsidieverstrekking op grond van de artikelen 6.4 en 6.5 van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006, overeenkomstig het besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 10 december 2012, DCO/OO-388/12, tot vaststelling van een subsidieplafond en beleidsregels voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Beleidsregels en subsidieplafond voor het Netherlands Fellowships Programme (NFP), het Netherlands Fellowship Programme – Middle-East North-Africa (NFP-MENA) en het Netherlands Initiative for Capacity Development in Higher Education (NICHE)

    • b. te beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld onder a, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen.

  • 2. De voorzitter kan van zijn op grond van het eerste lid gemandateerde bevoegdheden, ondermandaat en machtiging verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen van de Stichting Nuffic.

Artikel 2

Het besluit van de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking van 12 februari 2009, nr. DCO/OO-014/09, houdende mandatering van bevoegdheden tot uitvoering van enkele programma’s op het gebied van het Internationaal Onderwijs wordt ingetrokken.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,

E.M.J. Ploumen