Rijksoverheid

Wettenpocket Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992

Titel regeling
Regeling indexering per 1 januari 2019 bedragen Besluit langdurige zorg en Uitvoeringsbesluit Wmo 2015
Type
Ministeriele-regeling
Wetsfamilie
Regeling indexering per 1 januari 2019 bedragen Besluit langdurige zorg en Uitvoeringsbesluit Wmo 2015; Besluit langdurige zorg; Wet langdurige zorg; Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen; Wet marktordening gezondheidszorg; Wet financiering sociale verzekeringen; Wet toelating zorginstellingen; Kwaliteitswet zorginstellingen; Zorgverzekeringswet; Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg; Jeugdwet; Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; Wet inkomstenbelasting 2001; Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; Wet sociale werkvoorziening; Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; Wegenverkeerswet 1994; Mededingingswet; Kaderwet militaire pensioenen; Woningwet; Wet op de huurtoeslag; Wet bescherming persoonsgegevens; Grondwet; Wetboek van Strafrecht; Uitvoeringsbesluit Wmo 2015; Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten; Wet wettelijke grondslag bdu siv; Participatiewet; Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte; Wet maatschappelijke ondersteuning; Wet op de omzetbelasting 1968; Tabaks- en rookwarenwet; Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992; Financiële-verhoudingswet; Veteranenwet
Geldend vanaf
1-1-2019
Geselecteerde elementen
Volledig
Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 8 november 2018, kenmerk 1437213-183157-WJZ, houdende indexering per 1 januari 2019 van bedragen krachtens het Besluit langdurige zorg en het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op de artikelen 3.3.1.7 en 3.3.2.3, eerste lid, onderdeel b, onder 2°, van het Besluit langdurige zorg en 3.7, en 3.13, eerste lid, onderdeel b, onder 2°, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, 6, eerste lid, onderdeel b, onder 2°, en 19 van het Bijdragebesluit zorg en 8.3, zesde lid, en 8.4, tweede lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;

Besluit:

Artikel I

[Wijzigt het Besluit langdurige zorg.]

Artikel II

[Wijzigt de Regeling langdurige zorg.]

Artikel III

[Wijzigt het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015.]

Artikel IV

[Wijzigt de Uitvoeringsregeling Wmo 2015.]

Artikel V

  • 1. Dit artikel is van toepassing op de berekening van de bijdrage in de kosten die krachtens de artikelen 8.3, zesde lid, en 8.4, tweede lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 aan het college verschuldigd is.

  • 2. De in artikel 1a, zesde lid, van het Bijdragebesluit zorg genoemde bedragen worden vastgesteld op: € 10.171.

  • 3. Het in artikel 4, tweede lid, van het Bijdragebesluit zorg genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 2.364,80.

  • 4. De in artikel 14, eerste lid, van het Bijdragebesluit zorg genoemde bedragen worden vastgesteld op: € 164,20 en € 861,80.

  • 5. De in artikel 15, derde en vijfde lid van het Bijdragebesluit zorg genoemde bedragen worden vastgesteld op: 2.364,80.

Artikel VI

  • 1. Dit artikel is van toepassing op de berekening van de bijdrage in de kosten die krachtens artikel 8.3, zesde lid, en 8.4, tweede lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 aan het college verschuldigd is.

  • 2. Het in artikel 2, onderdeel a, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: €3.741.

  • 3. Het in artikel 2, onderdeel b, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 5.819.

  • 4. De in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedragen worden vastgesteld op €1.530, € 2.326,04 en € 4.429,85 en het percentage op 5,40%.

  • 5. De in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedragen worden vastgesteld op € 1.530 en € 4.429,85 en het percentage op 5,40%.

  • 6. De in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedragen worden vastgesteld op € €1.530, € 2.079,82 en € 4.429,85 en het percentage op 5,40%.

  • 7. De in artikel 3, tweede lid, onderdeel a, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedragen worden vastgesteld op € 1.066, en € 20.109 en het percentage op 13,46%.

  • 8. De in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedragen worden vastgesteld op € 2.043 en € 20.109 en het percentage op 13,46%.

  • 9. Het in artikel 4, onderdeel a, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 1.788.

  • 10. Het in artikel 4, onderdeel b, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 1.000.

  • 11. Het in artikel 5, eerste lid, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 8.741.

  • 12. Het in artikel 5, tweede lid, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 10.428.

  • 13. Het in artikel 5, derde lid, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 6.610.

  • 14. Het in artikel 5, vierde lid, van de Bijdrageregeling zorg AWBZ genoemde bedrag wordt vastgesteld op: € 13.423.

Artikel VII

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2019.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

H.M. de Jonge