Rijksoverheid

Wettenpocket Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992

Titel regeling
Mandaat CBR
Type
Zbo
Wetsfamilie
Mandaat CBR; Wegenverkeerswet 1994; Reglement rijbewijzen; Regeling wegvervoer goederen; Wet wegvervoer goederen; Regeling vakbekwaamheid beroepspersonenvervoer; Besluit personenvervoer 2000; Wet personenvervoer 2000; Burgerlijk Wetboek Boek 5; Wet Infrastructuurfonds; Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994; Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992; Spoorwegwet 1875; Wijzigingswet Wet op de rechterlijke organisatie enz. (in verband met de opheffing van de functie van verkeersschout); Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen; Arbeidstijdenwet; Wetboek van Strafvordering; Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen; Regeling inzamelaars, vervoerders, handelaars en bemiddelaars van afvalstoffen; Wet milieubeheer; Besluit inzamelen afvalstoffen; Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; Erkenningsbesluit instantie Besluit inzamelen afvalstoffen; Examenreglement voor luchtvarenden 2004; Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart; Wet luchtvaart; Besluit mandaat en machtiging luchtvaarttheorie-examens CBR 2013; Algemene wet bestuursrecht
Geldend vanaf
7-2-2014
Geselecteerde elementen
Volledig
Mandaat CBR

De directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (het CBR),

gelet op de artikelen 4ae en 4af, 130 t/m 134a Wegenverkeerswet 1994, 101 t/m 104 Reglement rijbewijzen, 156a t/m 156aa Reglement rijbewijzen, artikel 5 Regeling wegvervoer goederen, de Regeling vakbekwaamheid beroepspersonenvervoer, artikel 5, eerste lid, onder c, Regeling inzamelaars, vervoerders, handelaars en bemiddelaars in afvalstoffen, artikel 11, eerste lid, onder c, Besluit inzamelen afvalstoffen, het Erkenningsbesluit instantie Besluit inzamelen afvalstoffen, het Examenreglement voor luchtvarenden 2004 en het Besluit mandaat en machtiging luchtvaarttheorie-examens CBR 2013,

verleent hiermee mandaat aan en machtigt:

  • a. de manager Vorderingen van het CBR tot het nemen van beslissingen en tot het verrichten van alle handelingen als bedoeld in de artikelen 131 t/m 134a van de Wegenverkeerswet 1994;

  • b. de medisch adviseurs, de senior medisch adviseurs en het hoofd medische specials van het CBR tot het nemen van beslissingen op aanvragen tot registratie van een Verklaring van geschiktheid in eerste aanleg en tot het verrichten van alle handelingen als bedoeld in de artikelen 101 t/m 103 Reglement rijbewijzen;

  • c. de senior medisch adviseurs en het hoofd medische specials van het CBR tot het nemen van beslissingen op aanvragen tot registratie van een Verklaring van geschiktheid, nadat een aanvrager gebruik heeft gemaakt van het recht op keuring of herkeuring als bedoeld in artikel 104 Reglement rijbewijzen, tot het verrichten van alle handelingen als bedoeld in de artikelen 101 t/m 104 Reglement rijbewijzen en tot het nemen van beslissingen als bedoeld in artikel 124, eerste lid, onder d, juncto tweede lid, onder e, Wegenverkeerswet 1994;

  • d. de manager CCV van het CBR tot het nemen van beslissingen en tot het verrichten van alle handelingen als bedoeld in de artikelen 156a t/m 156aa Reglement rijbewijzen, artikel 5 Regeling wegvervoer goederen, de Regeling vakbekwaamheid beroepspersonenvervoer, artikel 5, eerste lid, onder c, Regeling inzamelaars, vervoerders, handelaars en bemiddelaars in afvalstoffen, artikel 11, eerste lid, onder c, Besluit inzamelen afvalstoffen, het Examenreglement voor luchtvarenden 2004 en het Besluit mandaat en machtiging luchtvaarttheorie-examens CBR 2013;

  • e. de manager Bezwaar en Beroep van het CBR tot het nemen van beslissingen op bezwaar tegen beslissingen die zijn genomen op grond van sub a, b en c en tot het verrichten van alle handelingen inzake voorlopige voorzieningen, beroepszaken en hoger beroepszaken in verband met deze beslissingen op bezwaar.

  • f. de manager en de medewerkers van de afdeling Juridische Zaken tot het nemen van beslissingen op bezwaar tegen beslissingen die zijn genomen op grond van sub d, tot het nemen van beslissingen op verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, op verzoeken op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens en tot het nemen van andere dan hierboven genoemde beslissingen op grond van de Algemene wet bestuursrecht.

De stukken die op grond van dit mandaat worden afgedaan en ondertekend door een functionaris onder a., b., c., d., e. en f. bedoeld, worden gesteld op briefpapier van het CBR. Zij vermelden aan het slot: ‘De algemeen directeur van het CBR, namens deze,’ gevolgd door de handtekening, de naam van de betrokken functionaris en de functieaanduiding.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

De directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen trekt het mandaat CBR van 1 januari 2013 (Stcrt. 2013/436) in.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Rijswijk, 20 januari 2014

De directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen

S.M. Zijderveld,

algemeen directeur

CBR.

R.A.L. Verstraeten,

financieel directeur

CBR.