Rijksoverheid

Wettenpocket Wet op het voortgezet onderwijs

Titel regeling
Subsidieregeling Schoolkracht
Type
Ministeriele-regeling
Wetsfamilie
Subsidieregeling Schoolkracht; Wet overige OCW-subsidies; Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS; Wet op het primair onderwijs; Wet primair onderwijs BES; Wet op de expertisecentra; Wet op het voortgezet onderwijs; Wet voortgezet onderwijs BES; Wet educatie en beroepsonderwijs; Wet educatie en beroepsonderwijs BES; Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek; Wet subsidiëring landelijke onderwijsondersteunende activiteiten 2013; Erfgoedwet; Kaderwet SZW-subsidies; Kaderwet VWS-subsidies; Wet voortgezet onderwijs 2020
Geldend vanaf
25-11-2020
Geselecteerde elementen
Volledig
Regeling van de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media van 19 november 2020, nr. PO/26096874, houdende regels voor de subsidieverstrekking voor schoolontwikkeling in het funderend onderwijs (Subsidieregeling Schoolkracht)

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, of artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs;

  • DUS-I: Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen;

  • leraar: persoon, die voldoet aan de bevoegdheidseisen, bedoeld in artikel 3 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 3 van de Wet op de expertisecentra of artikel 3 van de Wet op het voortgezet onderwijs;

  • minister: Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media;

  • primair onderwijs: onderwijs op een basisschool of een speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, een school voor speciaal onderwijs, voor voortgezet speciaal onderwijs of voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de expertisecentra;

  • school: bekostigde school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, artikel 1 van de Wet op het voorgezet onderwijs of het voorbereidend beroepsonderwijs dat deel uitmaakt van een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

  • schoolleider: directeur of adjunct-directeur als bedoeld in artikel 29, eerste en derde lid, van de Wet op de expertisecentra of artikel 29, eerste en derde lid, van de Wet op het primair onderwijs dan wel rector, conrector, directeur of adjunct-directeur als bedoeld in artikel 32, tweede en derde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, die werkzaam is op een school;

  • schoolontwikkeling: continu proces van activiteiten die een school of de personeelsleden gezamenlijk ondernemen om de kwaliteit en de organisatie van het onderwijs binnen de school, schoolsoort of regio te verbeteren en het professioneel handelen van leerkrachten, schoolleiders, en ondersteunend personeel te bevorderen;

  • voortgezet onderwijs: onderwijs op een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 2 van de Wet op het voortgezet onderwijs of voorbereidend beroepsonderwijs op een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs.

Artikel 2. Toepassing Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS

Deze regeling geldt in aanvulling op de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS.

Artikel 3. Te subsidiëren activiteiten

  • 1. De minister kan aan het bevoegd gezag van een bekostigde school in het primair of voortgezet onderwijs (inclusief speciaal onderwijs) subsidie verstrekken voor schoolontwikkeling met als doel:

    • a. het aanjagen en bevorderen van de vernieuwing en verbetering van de kwaliteit en organisatie van het onderwijs;

    • b. schoolleiders of leraren in staat te stellen om hun ideeën voor ontwikkeling of innovatie op de eigen school verder uit te werken en door te voeren; en

    • c. het bevorderen van het professioneel handelen binnen de school, van zowel de schoolleider als de overige teamleden.

  • 2. Een aanvraag kan worden ingediend voor een of meer van de volgende thema’s:

    • a. verbeteren onderwijskwaliteit;

    • b. omgaan met leraren- en schoolleiderstekort;

    • c. kansen(on)gelijkheid; en

    • d. digitalisering.

  • 3. De minister kan subsidie verstrekken voor de volgende kosten:

    • a. personele kosten; en

    • b. materiële kosten die direct aan het project zijn verbonden.

  • 4. Op grond van deze regeling wordt geen subsidie verstrekt voor:

    • a. individuele trainingen of cursussen voor schoolleiders of leraren;

    • b. activiteiten waarvoor reeds uit andere hoofde bekostiging wordt verstrekt; of

    • c. activiteiten waarvoor de minister reeds op grond van een andere regeling subsidie heeft verstrekt.

  • 5. Per school mag één aanvraag worden ingediend.

Artikel 4. Subsidiebedrag en subsidieplafond

  • 1. Het subsidiebedrag per aanvraag is maximaal € 30.000.

  • 2. Voor het kalenderjaar 2021 zijn op grond van deze regeling de volgende bedragen beschikbaar:

    • a. voor het primair onderwijs: € 3.000.000;

    • b. voor het voortgezet onderwijs: € 2.000.000.

  • 3. Indien één van de bedragen, bedoeld in het tweede lid, niet volledig wordt benut, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het bedrag voor de andere sector.

Artikel 5. Subsidieaanvraag

  • 1. Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 25 november 2020 tot en met 15 januari 2021.

  • 2. De subsidie wordt per school aangevraagd door een schoolleider of leraar namens het bevoegd gezag. Bij indiening door de schoolleider wordt de aanvraag mede-ondertekend door het bevoegd gezag. Bij indiening door de leraar wordt de aanvraag mede-ondertekend door de schoolleider en het bevoegd gezag.

  • 3. Het bevoegd gezag is de subsidieontvanger. Op het bevoegd gezag rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen.

  • 4. Voor de subsidieaanvraag wordt gebruik gemaakt van het aanvraagformulier dat is te vinden op de website www.dus-i.nl.

  • 5. In afwijking van de artikelen 3.3 tot en met 3.7 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS gaat de aanvraag vergezeld van een plan voor schoolontwikkeling, met daarin een begroting.

  • 6. Het plan voor schoolontwikkeling, bedoeld in het vijfde lid, bevat:

    • a. een omschrijving van het doel, of combinatie van doelen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

    • b. een vermelding van het thema of een combinatie van thema’s, bedoeld in artikel 3, tweede lid, waarop de aanvraag zich richt;

    • c. een beschrijving op hoofdlijnen waarop de schoolontwikkeling zich richt;

    • d. een beschrijving van de activiteiten om tot verdere uitwerking en uitvoering van de schoolontwikkeling te komen;

    • e. de inzet en rollen van alle betrokkenen bij de schoolontwikkeling en de manier waarop het gehele team betrokken wordt;

    • f. de wijze waarop (wetenschappelijke) kennis en ervaringsdeskundigheid ingezet wordt;

    • g. de wijze van (intern) evalueren; en

    • h. de wijze waarop de in gang gezette schoolontwikkeling duurzaam voortgezet wordt, ook na afloop van de subsidietermijn.

Artikel 6. Wijze van verdeling beschikbare middelen

  • 1. Indien de middelen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, ontoereikend zijn om alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen toe te wijzen, worden de desbetreffende aanvragen per sector door middel van loting gerangschikt.

  • 2. Aanvragen ingediend na 15 januari 2021 worden afgewezen.

Artikel 7. Verplichtingen

De subsidieontvanger draagt er zorg voor dat:

  • a. een afvaardiging van het personeel deelneemt aan bijeenkomsten ter bevordering van kennisdeling; en

  • b. er wordt meegewerkt aan een namens de minister ingesteld onderzoek.

Artikel 8. Vaststelling en betaling

  • 1. De subsidie wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagtermijn.

  • 2. De minister bepaalt in de beschikking het betaalritme.

Artikel 9. Besteding en verantwoording

  • 1. De subsidie kan van 1 maart 2021 tot en met 31 augustus 2022 worden besteed.

  • 2. Indien de activiteiten volledig zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging is verstrekt.

  • 3. De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs met model G, onderdeel 1, zoals bedoeld in richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving.

  • 4. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn.

Artikel 10. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

  • 2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2024.

Artikel 11. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Schoolkracht.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

A. Slob