Rijksoverheid

Wettenpocket Ambtenarenwet 2017

Titel regeling
Mandaatbesluit hoofden clusters Ministerie van Justitie en Veiligheid
Type
Ministeriele-regeling
Wetsfamilie
Mandaatbesluit hoofden clusters Ministerie van Justitie en Veiligheid; Mandaatbesluit Ministerie van Justitie en Veiligheid; Algemene wet bestuursrecht; Algemeen Rijksambtenarenreglement; Ambtenarenwet 2017
Geldend vanaf
23-1-2021
Geselecteerde elementen
Volledig
Besluit van de secretaris-generaal van het Ministerie van Justitie en Veiligheid van 10 december 2018, nr. 2410554/18/DP&O, houdende verlening van ondermandaat en het doorgeven van volmacht en machtiging aan de hoofden van de clusters van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (Mandaatbesluit hoofden clusters Ministerie van Justitie en Veiligheid)

De secretaris-generaal van het Ministerie van Justitie en Veiligheid,

Gelet op artikel 3, eerste lid, onder a, van het Mandaatbesluit Ministerie van Justitie en Veiligheid;

Besluit:

Artikel 1

Van het ingevolge artikel 2 van het Mandaatbesluit Ministerie van Justitie en Veiligheid aan de secretaris-generaal verleende mandaat wordt ondermandaat verleend aan de hoofden van de clusters, genoemd in artikel 2, tweede lid, onder b tot en met j, van het Organisatiebesluit Ministerie van Justitie en Veiligheid ten aanzien van:

  • a) de aangelegenheden die hun cluster betreffen;

  • b) de volgende aangelegenheden die mede hun cluster betreffen:

    • 1°. het nemen van besluiten op verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en daarmee samenhangende beslissingen;

    • 2°. het nemen van besluiten op verzoeken als bedoeld in de artikelen 15 tot en met 22 van de Algemene verordening gegevensbescherming en daarmee samenhangende beslissingen;

    • 3°. klachtprocedures in de zin van artikel 77 van de Algemene verordening gegevensbescherming;

    • 4°. bemiddelingsprocedures in de zin van artikel 36 van de Uitvoeringswet algemene verordening gegevensbescherming;

    • 5°. het doen van kennisgevingen als bedoeld in artikel 9:12 van de Algemene wet bestuursrecht en daarmee samenhangende beslissingen.

Artikel 2

De hoofden van de clusters, genoemd in artikel 2, tweede lid, onder b tot en met j, van het Organisatiebesluit Ministerie van Justitie en Veiligheid worden aangewezen en volmacht verleend om op te treden als leidinggevende in de zin van paragraaf 1.3 van de CAO Rijk ten aanzien van de onder hun cluster ressorterende ambtenaren.

Artikel 3

  • 1. Aan de secretaris-generaal blijft voorbehouden de bevoegdheid om besluiten te nemen, indien deze:

    • a. zijn neergelegd in een document, gericht tot:

      • 1°. de Nationale ombudsman, behoudens de afdoening van ontvangstbevestigingen, tussenberichten, waaronder uitstelberichten, en stukken naar aanleiding van verzoeken van de Nationale ombudsman om, ter vermijding van een volledig onderzoek, te bevorderen dat alsnog aan de klacht tegemoet wordt gekomen (interventies);

      • 2°. de president van en de procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden;

    • b. worden genomen op grond van:

      • 1°. het Burgerlijk Wetboek, artikel 46 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, artikel 69 van het Besluit algemene rechtspositie politie of artikel 22 van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie, voor zover de schadeloosstelling betrekking heeft op immateriële schade, of materiële schade boven een bedrag van € 10.000,–;

      • 2º. artikel 92, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie of artikel 39 van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie;

      • 3º. artikel 36b van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren of artikel 95 van het Besluit algemene rechtspositie politie, indien de meerkosten aangaande de minimale uitkering meer bedragen dan drie bruto maandsalarissen;

      • een financiële vergoeding in verband met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst die de uitkomst van de berekening overeenkomstig een transitievergoeding in de zin van artikel 7:673 van het Burgerlijk Wetboek, vermeerderd met € 10.000, overstijgt;

    • c. het verstrekken van reisopdrachten aan functionarissen naar landen buiten Europa alsmede Turkije betreffen.

  • 2. Aan de secretaris-generaal blijft tevens voorbehouden de bevoegdheid om besluiten te nemen, indien deze:

    • a. zijn neergelegd in een document dat betrekking heeft op een verzoek in de zin van de Wet openbaarheid van bestuur, indien gehele of gedeeltelijke inwilliging of afwijzing daarvan belangrijke politieke, bestuurlijke of maatschappelijke gevolgen kan hebben;

    • b. uitleveringsbeschikkingen inhouden;

    • c. betrekking heeft op de beëindiging van de arbeidsovereenkomst van een functionaris die tijdelijk is ontheven van de uitoefening van diens functie bij het ministerie en niet in de uitoefening van de functie kan worden hersteld naar het oordeel van diens leidinggevende met A-mandaat als bedoeld in bijlage 1 van het betreffende ondermandaatbesluit, wanneer de functionaris ophoudt met het bekleden van één van de volgende functies:

      • 1. Een functie in een publiekrechtelijk college, waarin de functionaris is benoemd of verkozen;

      • 2. Een functie in een internationale volkenrechtelijke organisatie; of

      • 3. Het vervullen van een functie substituut-ombudsman.

Artikel 4

De Mandaatregeling hoofden clusters van Ministerie van Veiligheid en Justitie 2012 wordt ingetrokken.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 19 oktober 2018.

Artikel 6

Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit hoofden clusters Ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De secretaris-generaal van het Ministerie van Justitie en Veiligheid,

S. Riedstra